In
2002 werd er een commissie opgericht om bij de UNESCO
een verzoek in te dienen om van Saba een World Heritage Site te
maken.
In
1992 is Saba’s Medische Universiteit opgericht
als een gezamelijk project van het bestuurscollege en een groep
van medische pedagogen uit de United States. Ze leiden medische
dokters en andere welzijn professionals op. The Saba University
of Medicine draagt bij aan de economische groei en ondersteunt de
gezondheidsdienst op het eiland.
In
1987 werd de Saba Conservation Foundation (SCF)
opgericht door drs.Tom van’t Hof. The SCF is een non-profit
organisatie met de missie om Saba’s natuur en cultuur te beschermen
en te onderhouden.
In
1972 werd de Leo A. Chance Pier op Fort Bay gebouwd.
De pier biedt ruimte aan zeilboten en kleine cruise- en vrachtschepen.
.
In 1963 komt er elektriciteit
op het eiland maar is pas sinds 1970 vierentwintig uur per dag beschikbaar.
Laat
in 1930 was er een plan om een weg te bouwen, maar
volgens de ingenieurs konden er geen wegen worden gebouwd op het
eiland omdat het allemaal veel te steil was. Josephus Lambert Hassell
nam een schriftelijke spoedcurcus in wegen bouwen en de mensen op
Saba bouwden de weg met hun eigen handen. Na 5 jaar, in 1943, was
de weg van Fort Bay naar The Bottom helemaal af. Maar pas in 1947
kwam het eerste motorvoertuig op Saba. In 1951 konden mensen van
Windwardside en St. Johns elkaar met een auto bereiken en in 1958
was de hele weg afgerond.
De ingenieurs
dachten ook dat het maken van een vliegveld onmogelijk was. Maar
volgens een piloot van St.Barths die een vlak stuk rots opgemerkt
had, zou het wel mogelijk zijn een landing te maken.
De Sabanen maakten het hele gebied vlak, het meeste werd met de
hand gedaan door grote rotsen te verplaatsen en de gaten op te vullen.
In 1959 landde de piloot en bewees hiermee dat een landing op Saba
wel degelijk mogelijk was. Het huidige vliegverkeer vanaf St.Maarten
begon in 1963. Het vliegveld is genoemd naar de minister van financieën
en welvaart, Juancho E. Yrausquin omdat hij assisentie verleende
vanuit het gouvernement.
In
1934 verhuisden de famlies van Mary’s Point
omdat ze daar te geïsoleerd woonden naar hun nieuwe huizen
in Het Beloofde Land.
In de 17e en 18e eeuw vertrouwden de bewoners op de suiker en rum
industrie tot het midden van 1800. Vanaf die tijd ging de mannelijke
bevolking de zee op en ze ontwikkelden zich tot zeer goede zeelieden.
In deze periode werd Saba ook wel “Het eiland van de vrouwen’
genoemd. Resten van nederzettingen van de eerste kolonies in 1640
zijn gevonden in Tent Bay aan de westelijke zijde van het eiland.
De eerste huizen werden gebouwd in The Bottom dat nu de hoofdstad
van Saba is. Het ligt ongeveer 250m. boven de zeespiegel. Je kon
alleen maar via twee plaatsen aan land komen namelijk Ladder Bay
en Fort Bay. Het eiland was bijna ontoegankelijk omdat alleen bootexperts
konden aanleggen. Verschillende bijbootjes voeren op en neer tussen
de wal en het schip totdat alle passagiers,bagage en lading waren
overgeladen van de stoomboot. De enige weg om naar boven te gaan
van Ladder Bay naar The Bottom was een klim van 800 treden. The
Bottom werd later verbonden met de bergpaden van de andere dorpjes,
St Johns, Windwardside, Hell’s Gate en Mary’s Point.
Op
13 November 1493 was Christopher Columbus de eerste
Europeaan die Saba zag. Hierna was het eiland in handen van de Fransen,
Engelsen, Spanjaarden, en Nederlanders. Uiteindelijk nam Nederland
in 1816 bezit van Saba.Voordat Columbus Saba ontdekte in 1493, leefden
de Arawak Indianen tijdelijk op het eiland, er zijn voorwerpen gevonden
die bewijzen dat de Indianen hier een kolonie hadden.
De kolonies waren in Spring Bay in het noordoosten en op de plaatsen
waar nu de dorpjes zijn. Het aardewerk dat gevonden is in the Bottom
wordt gedateerd tussen 800-1000 na Chr.. Kunst en andere objecten
van deze periode kunt u bewonderen in het Staats Volkenkundig Museum
in Leiden.
|